bacchant

Betekenis bacchant

Een persoon die zich overgeeft aan wilde, losbandige feesten; vaak in relatie tot de Bacchusfeesten of Bacchanalia.

Woordsoort

zelfstandig naamwoord

Voorbeeldzin met bacchant

De bacchant maakte deel uit van de uitzinnige menigte bij het feest ter ere van Bacchus.

Uitspraak (fonetisch)

bɑˈxɑnt (Wat is het fonetisch alfabet?)

Afbreekpatroon: bac·chant

Synoniemen

  • feestvierder
  • losbol
  • dronkaard

Woorden die beginnen of eindigen met "bacchant"

  • bacchanaal
  • bacchante
  • antibacchant

Etymologie

Afkomstig van het Latijnse 'bacchans', dat 'afgeleid van Bacchus, de Romeinse god van de wijn en extase' betekent.

Veelgestelde vragen

  • Wat is de oorsprong van het woord 'bacchant'?
    Het woord 'bacchant' is afkomstig van het Latijnse 'bacchans', dat verwijst naar Bacchus, de Romeinse god van de wijn.
  • Gebruik je 'bacchant' alleen voor mannen?
    In de moderne context kan 'bacchant' voor zowel mannen als vrouwen worden gebruikt die deelnemen aan losbandige feesten.
  • Wat is het verschil tussen een 'bacchant' en een feestganger?
    Een 'bacchant' heeft een connotatie van excessieve en uitzinnige feesten, vaak in relatie tot Bacchus. Een feestganger is een algemener begrip voor iemand die een feest bijwoont.
  • Is het gebruik van 'bacchant' nog gangbaar?
    Het woord wordt zelden gebruikt in hedendaags Nederlands en is meestal gerelateerd aan historische of klassieke contexten.
  • Wat waren de Bacchusfeesten?
    Bacchusfeesten, of Bacchanalia, waren festivals ter ere van Bacchus, de god van de wijn, gekenmerkt door exuberant feestgedrag en losbandigheid.