fiets

Betekenis fiets

Een voertuig met twee wielen dat wordt voortbewogen door trappers en wordt bestuurd met een stuur.

Woordsoort

zelfstandig naamwoord

Voorbeeldzin met fiets

Elke ochtend fiets ik naar mijn werk op mijn rode fiets.

Uitspraak (fonetisch)

[fits] (Wat is het fonetisch alfabet?)

Afbreekpatroon: fiets (geen afbreking mogelijk)

Synoniemen

  • rijwiel
  • velocipede
  • tweewieler

Woorden die beginnen of eindigen met "fiets"

  • fietsbel
  • fietsendiefstal
  • bromfiets

Etymologie

Afkomstig uit het Frans woord 'vélocipède', met invloeden uit het Duitstalige 'Vize/Pfiz', een oude term voor fietsen.

Veelgestelde vragen

  • Wat is het meervoud van fiets?
    Het meervoud van fiets is fietsen.
  • Hoeveel wielen heeft een standaard fiets?
    Een standaard fiets heeft twee wielen.
  • Wat is het verschil tussen een fiets en een elektrische fiets?
    Een elektrische fiets heeft een ingebouwde elektromotor die ondersteunt bij het fietsen, terwijl een gewone fiets alleen op mankracht werkt.
  • Wat is een ander woord voor fiets?
    Een ander woord voor fiets is rijwiel.
  • Is fietsen milieuvriendelijk?
    Ja, fietsen is milieuvriendelijk omdat er geen fossiele brandstoffen worden verbruikt tijdens het fietsen.

Nieuwe woorden

Bekijk ook eens de betekenis van deze nieuw toegevoegde woorden.

Recent gezochte betekenissen

Bekijk ook eens de betekenis van deze recent opgezochte woorden.