schoonzuster

Betekenis schoonzuster

De zuster van iemands echtgenoot of echtgenote, of de echtgenote van iemands broer.

Woordsoort

zelfstandig naamwoord

Voorbeeldzin met schoonzuster

Mijn schoonzuster en ik gingen samen op vakantie naar Spanje.

Uitspraak (fonetisch)

ˈsxɔn.zʏs.tər (Wat is het fonetisch alfabet?)

Afbreekpatroon: schoon•zus•ter

Synoniemen

  • aangetrouwde zuster
  • zuster van schoonfamilie
  • schoonzus

Woorden die beginnen of eindigen met "schoonzuster"

  • schoonbroer
  • schoonvader
  • schoonmoeder

Etymologie

Het woord 'schoonzuster' is samengesteld uit 'schoon', vanuit de betekenis 'door huwelijk verbonden', en 'zuster', wat 'vrouwelijke bloedverwant' betekent.

Veelgestelde vragen

  • Wat is het verschil tussen een schoonzus en een schoonzuster?
    Hoewel 'schoonzus' en 'schoonzuster' vaak door elkaar worden gebruikt, verwijst 'schoonzuster' meer formeel naar de zuster van iemands echtgenoot of de echtgenote van iemands broer.
  • Kan 'schoonzuster' ook verwijzen naar een non?
    Nee, 'schoonzuster' verwijst specifiek naar een familielid door huwelijk en niet naar een non.
  • Is 'schoonzuster' een verouderde term?
    Nee, 'schoonzuster' wordt nog steeds gebruikt, hoewel 'schoonzus' in dagelijks taalgebruik vaker voorkomt.
  • Hoe zeg je 'schoonzuster' in het Engels?
    In het Engels zegt men 'sister-in-law'.
  • Kun je 'schoonzuster' voor andere familieleden gebruiken?
    Nee, 'schoonzuster' wordt specifiek gebruikt voor de vrouwelijke aangetrouwde zuster, niet voor andere familieleden.