schop

Betekenis schop

Een stuk gereedschap met een plat, vaak metalen blad en een steel, gebruikt om te graven of te verplaatsen of een schop als werkwoord, waarmee bedoeld wordt een beweging met de voet waarbij iets geraakt of verplaatst wordt.

Woordsoort

zelfstandig naamwoord / werkwoord

Voorbeeldzin met schop

Hij gebruikte een schop om het zand weg te scheppen.

Uitspraak (fonetisch)

/sxɔp/ (Wat is het fonetisch alfabet?)

Afbreekpatroon: schop (geen afbreking mogelijk)

Synoniemen

  • spade
  • voettrap
  • trap
  • beenslag

Woorden die beginnen of eindigen met "schop"

  • schoppen
  • schopje
  • afschoppen

Etymologie

Het woord 'schop' is afkomstig uit het Middelnederlands 'schoppe', dat op zijn beurt weer is afgeleid van het Oudnederlands 'skoppa'.

Veelgestelde vragen

  • Wat is het verschil tussen een schop en een spade?
    Een spade heeft doorgaans een rechthoekig blad en een vlakkere vorm voor het graven, terwijl een schop vaak een rondere en diepere vorm heeft om materiaal te verplaatsen.
  • Hoe gebruik je een schop correct om te graven?
    Zet één voet op het blad van de schop, duw het in de grond en trek het handvat naar je toe of duw van je af om de aarde te verplaatsen.
  • Kun je het woord 'schop' ook figuurlijk gebruiken?
    Ja, 'iemand een schop onder zijn kont geven' betekent iemand aansporen of aanmoedigen om iets te doen.
  • Is een schop geschikt voor sneeuwruimen?
    Hoewel je een schop kunt gebruiken voor het ruimen van sneeuw, is een speciale sneeuwschep daarvoor vaak efficiënter.
  • Wat betekent 'schoppen' in kaartspeltermen?
    In de context van een kaartspel verwijst 'schoppen' naar één van de vier kleuren of symbolen op speelkaarten.