strik
Betekenis strik
Een lus van touw, lint of een koord die wordt gebonden om iets bijeen te houden of om decoratieve redenen.
Woordsoort
zelfstandig naamwoord
Voorbeeldzin met strik
Ze maakte een mooie strik om het cadeau in te pakken.
Uitspraak (fonetisch)
strɪk (Wat is het fonetisch alfabet?)
Afbreekpatroon: strik (geen afbreking mogelijk)
Synoniemen
- lus
- sjerp
- knobbel
Woorden die beginnen of eindigen met "strik"
- strikken
- strikje
- vlinderdas
Etymologie
Afgeleid van het Middelnederlandse 'stric', uit het Oudhoogduitse 'strik' of 'strec', wat loop of lus betekent.
Veelgestelde vragen
- Hoe maak je een strik?
Een strik maak je door een touw of lint op een specifieke manier te vouwen en knopen zodat er lussen ontstaan. - Wat is het verschil tussen een strik en een knoop?
Een strik is een decoratieve lus met twee lussen en uiteinden, terwijl een knoop eenvoudiger en functioneler is, meestal bedoeld om iets stevig vast te zetten. - Welke soorten strikken zijn er?
Er zijn verschillende soorten strikken, waaronder de schoenstrik, vlinderstrik en decoratieve geschenkstrikken. - Kan een strik symbool staan voor iets?
Ja, een strik kan symbool staan voor decoratie, cadeauverpakking of zelfs voor bepaalde bewustmakingscampagnes afhankelijk van het gebruikte kleur en context. - Is een vlinderdas hetzelfde als een strik?
Een vlinderdas is een soort strik, specifiek gemaakt voor het dragen om de hals als deel van formele kleding.