viking

Betekenis viking

Een lid van een zeemanscultuur van Scandinavische afkomst die bekend stond om het ondernemen van ontdekkingsreizen, handel en invallen in Europa van de late 8e tot de vroege 11e eeuw.

Woordsoort

zelfstandig naamwoord

Voorbeeldzin met viking

De viking waren berucht om hun invallen langs de kusten van Europa.

Uitspraak (fonetisch)

/ˈviː.kɪŋ/ (Wat is het fonetisch alfabet?)

Afbreekpatroon: vi-king

Synoniemen

  • Noorman
  • zeerover
  • plunderaar

Woorden die beginnen of eindigen met "viking"

  • vikinghelm
  • vikingschip
  • vikingleger

Etymologie

Afkomstig van het Oudnoorse woord 'víkingr', een term die zeeman of krijger uit Scandinavië betekende.

Veelgestelde vragen

  • Waar kwamen vikingen oorspronkelijk vandaan?
    Vikingen kwamen oorspronkelijk uit Scandinavië, wat tegenwoordig Noorwegen, Zweden en Denemarken is.
  • Wanneer leefden de vikingen?
    Vikingen leefden van de late 8e tot de vroege 11e eeuw.
  • Waren vikingen uitsluitend krijgers?
    Nee, naast krijgers waren vikingen ook handelaren, ontdekkingsreizigers en kolonisten.
  • Wat is een bekend vikingschip?
    Langschepen waren een bekend type vikingschip, bekend om hun snelheid en wendbaarheid.
  • Zijn alle Noormannen vikingen?
    Niet alle Noormannen waren vikingen; de term viking verwijst specifiek naar diegenen die deelnamen aan ontdekkingsreizen en invallen.