binken

Betekenis binken

Zich groot en indrukwekkend voordoen of iemand die opvallend sterk en stoer is.

Woordsoort

werkwoord

Voorbeeldzin met binken

Hij stond te binken bij de ingang van de nachtclub.

Uitspraak (fonetisch)

/ˈbɪŋ.kə(n)/ (Wat is het fonetisch alfabet?)

Afbreekpatroon: bin-ken

Synoniemen

  • pochen
  • opscheppen
  • pralen

Woorden die beginnen of eindigen met "binken"

  • bink
  • binkend
  • binkerig

Etymologie

Afgeleid van het Nederlandse dialectwoord 'bink', dat dapper of krachtig betekent.

Veelgestelde vragen

  • Wat betekent 'binken' in informele context?
    'Binken' betekent in informele context vaak dat iemand zich stoer voordoet of opschept over zijn kracht of uiterlijk.
  • Is 'binken' een positief of negatief woord?
    Het woord 'binken' kan zowel positief als negatief worden opgevat, afhankelijk van de context en de intentie van de spreker.
  • Kan 'binken' in elke context gebruikt worden?
    Nee, 'binken' wordt vaak gebruikt in informele en jongerentaal, en is niet passend in formele contexten.
  • Zijn er regionale verschillen in het gebruik van 'binken'?
    Ja, het gebruik van 'binken' kan verschillen per regio in Nederland, en het wordt vooral in informele omgangstaal gebruikt.
  • Is er een verschil tussen 'binken' en 'pochen'?
    'Binken' en 'pochen' zijn synoniemen, maar 'binken' heeft vaak een fysieke component van stoerheid, terwijl 'pochen' meer algemeen opscheppen of pronken betekent.