fichte
Betekenis fichte
Een naaldboom behorend tot de familie van de dennen, oorspronkelijk uit Centraal en Noord-Europa.
Woordsoort
zelfstandig naamwoord
Voorbeeldzin met fichte
In het bos stonden hoge fichten die de lucht met hun harsachtige geur vulden.
Uitspraak (fonetisch)
fit-xə (Wat is het fonetisch alfabet?)
Afbreekpatroon: fich-te
Synoniemen
- spar
- den
- naaldboom
Woorden die beginnen of eindigen met "fichte"
- fichtehout
- fichtenaftreksel
- altfichte
Etymologie
Afkomstig uit het Duits 'Fichte', dat verwijst naar een soort naaldboom.
Veelgestelde vragen
- Wat is het verschil tussen een fichte en een spar?
Hoewel 'fichte' soms als synoniem voor 'spar' wordt gebruikt, verwijst het specifiek naar de Europese spar, terwijl 'spar' een algemenere term voor verschillende soorten naaldbomen is. - Waar komt de fichteboom het meest voor?
De fichteboom komt oorspronkelijk uit Centraal en Noord-Europa, maar is nu in veel delen van de wereld te vinden. - Hoe herken je een fichte?
Een fichte heeft kenmerkende naalden die afzonderlijk en rondom de takken groeien, in tegenstelling tot veel andere naaldbomen. - Wat voor hout levert een fichte?
Fichte levert zacht, licht hout dat veel gebruikt wordt in de bouw en voor het maken van muziekinstrumenten. - Is fichte hetzelfde als grenen?
Nee, grenen komt van de grove den (Pinus-soorten), terwijl fichte naar de spar verwijst (Picea-soorten).