genegen

Betekenis genegen

de neiging of bereidheid hebben om iets te doen; welwillend tegenover iemand staan

Woordsoort

bijvoeglijk naamwoord

Voorbeeldzin met genegen

Hij is genegen om haar te helpen met de verhuizing.

Uitspraak (fonetisch)

ɣəˈneːɣə(n) (Wat is het fonetisch alfabet?)

Afbreekpatroon: ge·ne·gen

Synoniemen

  • welwillend
  • bereidwillig
  • inclined

Woorden die beginnen of eindigen met "genegen"

  • genegenheid
  • algenegen
  • welgenegen

Etymologie

Afkomstig van het Middelnederlandse 'ghe, neigen', wat 'buigen' of 'buigend maken naar een richting' betekent.

Veelgestelde vragen

  • Wat betekent het als iemand genegen is om iets te doen?
    Het betekent dat die persoon bereid is of de neiging heeft om dat te doen.
  • Is 'genegen' ouderwets taalgebruik?
    Hoewel 'genegen' niet alledaags is, wordt het nog steeds gebruikt in formele en literaire contexten.
  • Komt het woord 'genegen' vaak voor in het Nederlands?
    Het komt voor in specifiekere contexten, zoals formele teksten of literatuur.
  • Wat is het tegenovergestelde van 'genegen'?
    Het tegenovergestelde kan 'afkerig' of 'onwelwillend' zijn.
  • Hoe gebruik je 'genegen' in een zin?
    Je kunt 'genegen' gebruiken om een bereidheid aan te duiden, zoals in de zin: 'Zij was genegen om de verantwoordelijkheid te nemen.'