groos

Betekenis groos

trots, fier, tevreden over iets of iemand

Woordsoort

bijvoeglijk naamwoord

Voorbeeldzin met groos

Ze was groos op haar zoon die de eerste prijs had gewonnen.

Uitspraak (fonetisch)

[ɡroːs] (Wat is het fonetisch alfabet?)

Afbreekpatroon: groos (geen afbreking mogelijk)

Synoniemen

  • trots
  • fier
  • zelfvoldaan

Woorden die beginnen of eindigen met "groos"

  • groots
  • groosheid
  • opgroos

Etymologie

Afkomstig uit het Middelnederlands, waar het 'groots' of 'fier' betekende. Verwant aan het Engelse 'gross' wat oorspronkelijk 'indrukwekkend' betekent.

Veelgestelde vragen

  • Wat betekent het woord 'groos'?
    Het betekent trots, fier of tevreden zijn over iets of iemand.
  • Is 'groos' een algemeen gebruikt woord in Nederland?
    Het wordt niet vaak in het dagelijks taalgebruik gebruikt en is meer in Nederlandstalige poëzie of in Vlaanderen te vinden.
  • Hoe gebruik je 'groos' in een zin?
    Je kunt het gebruiken als: 'Hij was groos op zijn overwinning in de wedstrijd.'
  • Wat zijn synoniemen voor 'groos'?
    Enkele synoniemen zijn trots, fier en zelfvoldaan.
  • Komt 'groos' overeen met het Engelse 'gross'?
    Nee, 'groos' heeft een andere betekenis. 'Groos' betekent trots, terwijl het Engelse 'gross' vaak betrekking heeft op iets dat groot in omvang is, of smerig in andere contexten.