piss

Betekenis piss

Een informele en vulgaire term voor het urineren of urine zelf.

Woordsoort

zelfstandig naamwoord/werkwoord

Voorbeeldzin met piss

Hij ging even naar de wc om te pissen.

Uitspraak (fonetisch)

/pɪs/ (Wat is het fonetisch alfabet?)

Afbreekpatroon: piss (geen afbreking mogelijk)

Synoniemen

  • urineren
  • plassen
  • wateren

Woorden die beginnen of eindigen met "piss"

  • pissig
  • pissen
  • pissigheid

Etymologie

Afkomstig uit het Oudfranse 'pissier', wat teruggaat op het Vulgar Latijnse 'pissiare', een onomatopee voor het geluid van stromend water.

Veelgestelde vragen

  • Is 'piss' een formeel woord?
    Nee, 'piss' is een informeel en vaak als vulgair beschouwd woord.
  • Wat is een beleefder alternatief voor 'piss'?
    Een beleefder alternatief is 'urineren' of 'plassen'.
  • Wordt 'piss' in elke context als vulgair beschouwd?
    In veel contexten wordt het als vulgair beschouwd, vooral in formele situaties of in het openbaar.
  • Kan 'piss' als werkwoord worden gebruikt?
    Ja, 'piss' kan als werkwoord worden gebruikt, bijvoorbeeld in de zin: 'Hij moest dringend pissen.'
  • Zijn er dialecten of regio's waar 'piss' vaker voorkomt?
    Het woord is wijdverbreid in informele Engelse taalgebruik, maar de frequentie kan variëren afhankelijk van culturele en regionale verschillen.