sportploeg
Betekenis sportploeg
Een groep mensen die gezamenlijk een sport beoefent en vaak samen wedstrijden speelt.
Woordsoort
zelfstandig naamwoord
Voorbeeldzin met sportploeg
De sportploeg trainde hard voor de komende competitie.
Uitspraak (fonetisch)
sport-ploeɣ (Wat is het fonetisch alfabet?)
Afbreekpatroon: sport-ploe-g
Synoniemen
- team
- groep
- formatie
Woorden die beginnen of eindigen met "sportploeg"
- sportteam
- sportvereniging
- atletenploeg
Etymologie
Het woord 'sportploeg' is een samenstelling van 'sport' (ontleend aan het Engelse 'sport', afkomstig van het Oudfranse 'desport' dat 'vermaak' betekent) en 'ploeg' (oorspronkelijk uit het Oudhoogduitse 'plōg', dat 'groep' of 'team' betekent).
Veelgestelde vragen
- Bestaat een sportploeg altijd uit een vaste groep mensen?
Niet altijd, er kunnen wisselingen zijn binnen een sportploeg afhankelijk van de wedstrijd of het seizoen. - Is 'sportploeg' hetzelfde als 'team'?
In veel contexten worden 'sportploeg' en 'team' door elkaar gebruikt, maar 'team' kan breder toegepast worden dan alleen in sportieve contexten. - Kunnen individuele sporten een sportploeg hebben?
Ja, sommige individuele sporten hebben teamcomponenten waar atleten samen trainen of gestationeerd worden voor afwisselende onderdelen. - Heeft elk land zijn eigen sportploegen?
Ja, elk land heeft zijn eigen nationale en lokale sportploegen die deelnemen aan verschillende competities. - Wat bepaalt de grootte van een sportploeg?
De grootte van een sportploeg wordt meestal bepaald door de regels van de specifieke sport en de eisen van de competitie.