stamgast
Betekenis stamgast
iemand die regelmatig een bepaalde horecagelegenheid of andere sociale plek bezoekt
Woordsoort
zelfstandig naamwoord
Voorbeeldzin met stamgast
Jan is een stamgast in het café om de hoek en kent iedereen daar.
Uitspraak (fonetisch)
ˈstɑmɣɑst (Wat is het fonetisch alfabet?)
Afbreekpatroon: stam-gast
Synoniemen
- vaste klant
- trouwe bezoeker
- regelmatige bezoeker
Woorden die beginnen of eindigen met "stamgast"
- stamtafel
- stambezoek
- buurtgast
Etymologie
Het woord ‘stamgast’ komt van het Nederlandse ‘stam’, wat ‘groep’ of ‘vaste plek’ betekent, en ‘gast’, wat een persoon aanduidt die ergens te gast is.
Veelgestelde vragen
- Wat is het verschil tussen een stamgast en een gewone gast?
Een stamgast bezoekt regelmatig dezelfde locatie, terwijl een gewone gast incidenteel komt. - Kan een stamgast korting krijgen?
Sommige horecagelegenheden bieden kortingen of speciale aanbiedingen voor stamgasten aan. - Wat maakt iemand tot een stamgast?
Frequent en regelmatig bezoek aan dezelfde plek maakt iemand tot een stamgast. - Is de term stamgast alleen van toepassing op cafés en bars?
Nee, het kan op elke sociale plek worden toegepast, zoals restaurants of sportclubs. - Heeft stamgast een negatieve connotatie?
Niet per se; het kan zowel positief als negatief worden geïnterpreteerd afhankelijk van de context.