treuzelaar
Betekenis treuzelaar
Iemand die langzaam en aarzelend handelt of beweegt.
Woordsoort
zelfstandig naamwoord
Voorbeeldzin met treuzelaar
Ze was altijd de treuzelaar van de groep en hield iedereen op.
Uitspraak (fonetisch)
ˈtrøː.zəˌlaːr (Wat is het fonetisch alfabet?)
Afbreekpatroon: treu-ze-laar
Synoniemen
- twijfelaar
- langzaamloper
- aarzelaar
Woorden die beginnen of eindigen met "treuzelaar"
- treuzelen
- treuzelend
- treuzelachtig
Etymologie
Afgeleid van het werkwoord 'treuzelen', dat stamt uit het Nederlands en een onbekende oorsprong heeft.
Veelgestelde vragen
- Wat betekent treuzelen?
Het betekent langzaam of aarzelend handelen. - Is treuzelaar een positief of negatief woord?
Meestal wordt het negatief gebruikt om aan te geven dat iemand anderen ophoudt. - Kan treuzelaar ook als scheldwoord gebruikt worden?
Ja, het kan denigrerend bedoeld zijn als iemand vinden dat iemand anders te langzaam is. - Zijn er Engelse synoniemen voor treuzelaar?
Ja, woorden als 'dawdler' en 'linger' zijn vergelijkbaar. - Wat zijn enkele synoniemen voor treuzelen?
Synoniemen zijn 'dralen' en 'aarzelen'.