afhandelen

Betekenis afhandelen

Een taak of zaak voltooien of afronden.

Woordsoort

werkwoord

Voorbeeldzin met afhandelen

Hij moest nog een paar klachten afhandelen voordat hij naar huis kon.

Uitspraak (fonetisch)

ˈɑf.ˌhɑn.də.lə(n) (Wat is het fonetisch alfabet?)

Afbreekpatroon: af·han·de·len

Synoniemen

  • voltooien
  • afronden
  • regelen

Woorden die beginnen of eindigen met "afhandelen"

  • afhandeling
  • afhandelaars
  • onafhandeld

Etymologie

Samengesteld uit het voorvoegsel 'af-' en het werkwoord 'handelen'. Het woord 'afhandelen' is ontstaan in de Nederlandse taal om de voltooing van een handeling aan te duiden.

Veelgestelde vragen

  • Wat is de voltooid deelwoord van afhandelen?
    Het voltooid deelwoord van 'afhandelen' is 'afgehandeld'.
  • Wordt 'afhandelen' vaak gebruikt in formele contexten?
    Ja, 'afhandelen' kan in zowel formele als informele contexten worden gebruikt, vooral als het gaat om taken of zaken die moeten worden afgerond.
  • Kun je een persoon afhandelen?
    In figuurlijke zin kan men wel spreken van het 'afhandelen' van een gesprek of interactie met een persoon, maar het woord zelf verwijst naar het afronden van iets, zoals een taak of proces.
  • Wat betekent 'afhandeling'?
    Afhandeling is het zelfstandig naamwoord dat het proces beschrijft van het afronden van een taak of zaak.
  • Is er een verschil tussen 'afhandelen' en 'behandelen'?
    Ja, 'afhandelen' verwijst naar het afronden van een taak of proces, terwijl 'behandelen' meer betrekking heeft op het omgaan met of zorgdragen voor een taak, probleem of persoon.