zuigen

Betekenis zuigen

Met de mond lucht of vloeistof naar binnen trekken.

Woordsoort

werkwoord

Voorbeeldzin met zuigen

De baby zuigt aan de fles.

Uitspraak (fonetisch)

/ˈzœyɣə(n)/ (Wat is het fonetisch alfabet?)

Afbreekpatroon: zui-gen

Synoniemen

  • slurpen
  • opzuigen
  • inzuigen

Woorden die beginnen of eindigen met "zuigen"

  • stofzuigen
  • uitzuigen
  • aanzuigen

Etymologie

Afkomstig van het Oudnederlandse 'sūgan', verwant aan het Oudhoogduitse 'sūgan' en het Gotische 'sūkan'.

Veelgestelde vragen

  • Wat betekent 'zuigen' als informeel taalgebruik?
    Informeel kan 'zuigen' ook verwijzen naar iets vervelend of onbevredigend, bijvoorbeeld 'Die film zuigt'.
  • Wat is het verschil tussen 'zuigen' en 'slurpen'?
    'Zuigen' is het geruisloos opzuigen van vloeistoffen, terwijl 'slurpen' vaak betekent dat je met geluid drinkt.
  • Hoe vervoeg je het werkwoord 'zuigen'?
    Enkele vervoegingen zijn: ik zuig, jij zuigt, hij/zij zuigt, wij/jullie/zij zuigen.
  • Is er een verschil tussen 'aanzuigen' en 'opzuigen'?
    'Aanzuigen' verwijst naar het trekken van iets in een richting, vaak begint het proces, terwijl 'opzuigen' vaak betekent dat iets volledig opgenomen wordt.
  • Welk znw wordt vaak geassocieerd met 'zuigen'?
    Een veelvoorkomend zelfstandig naamwoord is 'stofzuiger', een apparaat dat stof en vuil opzuigt.